zondag 23 juli 2017

Landgoed (Pieterpad I: Hellendoorn - Holten - Laren)


Onze tocht begint waar hij vorige keer geëindigd is: met een kort bezoek aan de Albert Heijn in Hellendoorn, vlakbij de bushalte. We kopen wat proviand, drinken een bekertje koffie en maken een praatje met een vriendelijke Hellendoorner. Zo starten wij wat later dan gepland. Dat geeft niet, want het is mooi weer en het wordt pas laat donker.

We lopen het dorp uit en het bos in, langs fraaie boerderijen. Voorbij de Hellendoornsche Berg passeren we de spoorlijn. Het pad voert ons over de Haarlerberg, waar we een mooi uitzicht hebben. Dan dalen we weer langzaam af en lopen door de bossen van het landgoed de Noetselerberg, op naar de volgende ‘berg’, eigenlijk meer een heuvel: de Holterberg. We kijken uit over uitgestrekte heidevelden en bossen.

Even verderop kruist het Pieterpad het Marskramerpad, dat ik een paar jaar geleden liep. Rond de Holterberg is het vrij toeristisch. We komen verschillende -vaak grote – horecagelegenheden tegen maar besluiten door te lopen tot de spoorwegovergang in Holten. Daar blijkt een prima terras te zijn, vlak naast het spoor. Precies op tijd, want de twee flessen water die we ieder bij ons hadden, zijn leeg. Door de warmte en de heuvelachtigheid van het terrein hebben we er langer over gedaan dan we verwachtten. We hebben 15 kilometer gelopen en zouden er nog acht doen, maar door vermoeidheid en een blessure besluiten we het voor vandaag voor gezien te houden. We hebben geen haast. Dus blijven we nog even lekker op het terras zitten.

Janet van B&B Oostendijk haalt ons met de auto op. In ons appartementje aan de Larenseweg in Markelo staat een magnetronmaaltijd voor ons klaar. Het is nog steeds warm, dus we eten buiten op ons terras en genieten van de rust en stilte in de fraaie Achterhoek.

Na een lange en goede nachtrust gaan we de volgende ochtend bijtijds op pad. Janet zet ons af waar we de vorige dag gebleven zijn, bij station Holten. Door de velden lopen we naar het zuiden en passeren we een viaduct over de A1. Het geluid van de weg verstomt weer snel.
We lopen langs de Schipbeek, een brede beek die vroeger een handelsverbinding tussen Deventer en de Achterhoek en Twente vormde. Op de dijk langs de beek loopt een pad tussen rijen beukenbomen, een beukenlaantje.

Langs de Horstweg en de Vellerweg, soms verhard, soms niet, vervolgen we ons pad. Horeca is in dit gebied dun gezaaid, dus onze verrassing is groot als we een houten prieeltje tegenkomen waar een kan vers gezette koffie staat met wat lekkere dingen. We gaan aan de picknicktafel zitten en genieten van de onverwachte koffie en van het uitzicht. Het koffietentje hoort bij B&B Verwoldsehof.  
  
Even later lopen we het landgoed Verwolde op. We passeren het achttiende-eeuwse Huis Verwolde, vroeger een vesting van het hertogdom Gelre. Vlakbij ligt de theeschenkerij, bij het voormalige Jachthuis. Een waar paradijs. Julie van der Borch van Verwolde, telg uit het laatste gezin dat op het Huis Verwolde woonde, zwaait hier de scepter. Toen zij twaalf was werd het huis overgedragen aan de Stichting Geldersche Kasteelen en verhuisde zij met haar ouders naar het Jachthuis. Later kwam zij hier met haar gezin te wonen.

M. en ik strijken neer in een beeldig zitje onder een boom, op het gras. We kijken uit over een zorgvuldig aangelegde bloemenzee. Er staan vaste planten, eenjarigen, wilde planten als klaproos en papaver, en tussendoor liggen omheinde stukken moestuin. Een zeldzaam mooie plek, met veel smaak ingericht.


Na een kijkje in de Landgoedwinkel, waar ik een reusachtige courgette van het landgoed koop, pakken we in Laren de bus. Het is tot dan toe droog gebleven. Zodra we in het bushokje staan barst een regenbui met harde wind los. We hebben een goede timing vandaag.