maandag 25 mei 2015

Vogels (Ned. Kustpad 1: Maasland - Brielle)

Na een ontbijt –met onder meer verse vruchten, in stukjes gesneden - in de keuken van de B&B, waar het een komen en gaan van de vele gasten is, verlaten wij wat later dan gepland Maasland. Als wij het stadje uitlopen zien wij langs de vaart vele vogels. Waterhoenen, meerkoeten en eenden hebben nesten gebouwd. Sommige watervogels zwemmen al rond met jongen. Na een bocht horen wij een kabaal in het water alsof er een vrij grote hond aan het zwemmen is. We zien, als gevolg van het hoge riet, niet direct wat er aan de hand is. Het blijkt een reiger te zijn, die worstelt met een enorme karper. Hij is er  niet tegen opgewassen. Door onze komst laat de reiger de vis los. De karper zwemt nog even verdwaasd aan de oppervlakte en duikt dan naar de diepte. De reiger strijkt langs de waterkant neer. Wij hopen maar dat hij er alsnog in slaagt ‘zijn’ vis te verschalken.

Tussen Maasland en Maasluis komen wij op een kruispunt van grote wegen terecht bij de A20. Dit lijkt geen geschikt punt om de A20 te passeren. Gelukkig vinden wij al snel de voetgangerstunnel. Wij lopen door Maassluis, langs de oude haven en stappen op het pontje naar Rozenburg.  


Op het water hebben wij mooi uitzicht over Rijnmond. Kranen, raffinaderijen, fabrieken en opslag van chemicaliën. Rotterdam is niet meer de grootste haven van de wereld, maar wel van Europa. Als wij uitstappen op Rozenburg is dat niet, zoals ik dacht, een industrieterrein, maar een strook land waar veel groen is en waar behalve nieuwbouwwoningen ook oude boerderijen staan.


Na een stuk langs het Calandkanaal, waar de bermen weer spetteren van de bloemen, krijgen we een minder aangenaam stuk van het pad. Over het Calandkanaal naar de zuidelijke oever van Rozenburg en daarna over het Hartelkanaal. Wij volgen het fietspad, dat pal langs de autoweg loopt. Druk en lawaaiig. Dan doemt het groen weer op en wordt de omgeving mooi en rustig. We lopen langs het Brielse Meer, een recreatiegebied. Ondanks het schitterende weer is het er vrij rustig. Wij treffen een lommerrijk café dat eruitziet als een strandtent. Tijd voor een cola voordat wij onze weg vervolgen naar Brielle. 


We zien de vierkante kerktoren van het oude vestingstadje opdoemen achter de dijk. Een eenzaam schaap houdt de wacht. Over de stadswal lopen we langs de bolwerken, passeren  het  gerestaureerde Bastion 2 en daarna de oude molen Vliegend Hert. De molen is nog een paar dagen per week in gebruik en te bezichtigen voor bezoekers. Brielle, bekend om zijn Geuzen en de overwinning op de Spanjaarden op 1 april 1572, blijkt vol bezienswaardigheden. Ook zijn er mooie stadsgezichten, zoals een deur die in een interessante kleur blauw is geschilderd,  een stuk oude muur dat begroeid is met een plantje –waarvan ik de naam niet weet-  vol blauwe  bloemen. Het groeit zonder aarde en wortelt tussen de stenen. 
Het oorspronkelijke plan is door te lopen  naar Oostvoorne. Wij vinden het jammer om zo snel door Brielle te lopen zonder er de aandacht aan te schenken die deze bijzondere stad verdient. We besluiten in Brielle te blijven, lopen door de straatjes in het centrum, langs het stadhuis, het standbeeld van Wilhelmina en de kerk met de imposante stompe toren die doet denken aan de torens van Veere en Zierikzee. Na een borrel op het terras bij het stadhuis nemen we de streekbus naar Spijkenisse. Van daaruit reizen wij  met de trein huiswaarts.