vrijdag 26 september 2014

Runderen (Trekvogelpad: Bergen aan zee - Alkmaar)


Zeehuis
Bij Bergen
Omdat Bergen aan Zee op zondag niet te bereiken is met openbaar vervoer startten wij het Trekvogelpad vorige keer bij De Rijp. Nu, op deze vrijdag, gaan wij alsnog naar Bergen aan Zee. Vanaf Amsterdam Slotervaart een streekbus naar Bergen en daar een zgn. buurtbus, een heel klein busje, bijna een grote personenauto. De tocht begint met een etappe langs het strand van Bergen aan Zee. Een paar strandtenten, een oud hotel, wat vrijstaande huizen in de duinen. Wat steekt Scheveningen daar slecht bij af, met zijn lelijke hoogbouw en het enige mooie gebouw, het Kurhaus, achter flats verstopt.

Als we het strand verlaten en het binnenland inlopen komen we langs het Zeehuis, waar dit pad het Hollands kustpad kruist. Iets voorbij Bergen lopen we langs een heideveld. De hei staat op het punt om uit te komen. Er ligt een paars waas over de struiken en op sommige plaatsen is al de fellere kleur van open bloemen te zien. Verder bloeien her en der paardenbloemen, boterbloemen, klaver, wat grotere gele bloemen en witte bloemen, die op fluitekruid lijken (maar het niet zijn). We lopen naar het Zuiden, langs Winnemum. In een weiland naast het pad, gescheiden door een strook bos, draven wat paarden.

Dan zien wij ineens ons pad versperd door een kolossaal rund met breed uitstaande hoorns. Hij staat dwars op het pad. Wij kunnen er niet langs. Achter hem staan een paar soortgenoten. De beesten zien er prehistorisch en indrukwekkend uit. Aangezien zij geen enkele aanstalten maken om opzij te gaan kiezen wij ervoor het pad te verlaten en een ruime bocht om de beesten heen te maken, door het naast gelegen veld. Op de borden staat altijd dat je een afstand van 25 meter tot de grazers moet houden, en dat proberen wij ook, maar de grazers trekken zich daar weinig van aan.

Hoevervaart
In Egmond lopen we langs de overblijfselen van het Slot van Egmond, dat in 1573 werd verwoest. Niet door de Spanjaarden, maar door de geuzen. Zij waren bang dat de Spanjaarden zich in het slot zouden verschansen. Voor de fundamenten van het slot staat een standbeeld van Lamiraal, graaf van Egmond. Voorbij Egmond lopen we door weilanden langs de Hoevervaart. Bij Heiloo lopen we door een bos, dat volgens het boekje rijk is aan paddenstoelen. We kijken goed uit onze ogen, maar vinden vlak voordat wij het bos weer uitlopen alleen wat kleine ronde witte paddenstoelen, die ik aanzie voor parelstuifzwammen. Blij neem ik ze mee. 

Als ik ze de volgende avond thuis doormidden snij blijken ze zwart van binnen. Of ze waren al te oud, of het waren bij nader inzien (giftige) aardappelbovisten. We komen een paar vrolijk lachende vrouwen met kinderen tegen, die dwars door het bos wandelen met ieder een grote plastic zak in de hand. Oost-Europeanen denk ik, en hun wandeling verklaart misschien waarom ik nauwelijks paddenstoelen zie. Later zien we nog een gezin met goedgevulde plastic zakken het bos verlaten. Als we Alkmaar naderen zien we een merkwaardig groot zwart insect op de grond lopen. We hebben eerder op de dag ook al zo’n beest gezien. Nu kijken we wat beter. Het insect heeft een overeind staande staart en ik bedenk dat het wel wat op een schorpioen lijkt. Maar komen die in Nederland voor? ‘s Avonds brengt Wikipedia uitkomst: nee, waarschijnlijk hebben we een kortschildkever gezien. 

Aan het eind van de dag, we hebben er inmiddels bijna 25 kilometer opzitten, wandelen wij langs de buitenrand van de singels Alkmaar binnen. De reusachtige Sint Laurenskerk markeert het centrum. Via de Langstraat, waar het oude Raadhuis staat, bereiken wij de Gedempte Nieuwsloot, waar Grand Hotel Alkmaar (www.grandhotelalkmaar.nl) in een historisch pand is gevestigd. Onze kamer is op de begane grond en kijkt uit in de Schutterssteeg. We hebben uitzicht op een zeventiende-eeuws aandoend gebouw. Nadat wij hebben ingecheckt en onze rugzakken in de kamer hebben achtergelaten gaan wij er weer op uit voor de welverdiende borrel. Het plein rondom de kerk ziet er het leukst uit en daar strijken wij neer, niet alleen voor de borrel maar ook voor een vroeg diner. Alkmaar is een mooie oude stad. Vergeleken met bijvoorbeeld Oldenzaal is het uitgaansleven beduidend minder druk. Maar dat kan natuurlijk ook komen omdat wij in Oldenzaal waren toen het Hemelvaartdag was, dat in die streek uitbundig wordt gevierd.